1. Opsporingsambtenaren mogen voorwerpen in beslag nemen die met een strafbaar feit te maken hebben, zoals:
    1. wapens en munitie;
    2. drugs en gestolen goederen;
    3. voertuigen die zijn gebruikt bij een misdrijf.
  2. Illegale goederen worden na afloop van de zaak vernietigd.
  3. Legale goederen kunnen na betaling van openstaande boetes worden teruggegeven.